Ben Tiggelaar heeft een nachtmerrie

Ben Tiggelaar

Ben Tiggelaar

Ben Tiggelaar loopt in drie valkuilen tegelijkertijd als hij in zijn artikel “De nachtmerrie van de persoonlijkheidstest” het over persoonlijkheid heeft. De eerste valkuil is menen dat mensen en organisaties dom zijn. De tweede valkuil is een slecht beeld hebben van wat wetenschap  is. En de derde valkuil is iets roepen zonder daar argumenten voor te geven.

Ben Tiggelaar: mensen en organisaties zijn dom!

Als “serieuze wetenschappers” er skeptisch dan wel afwijzend tegenover staan en bedrijven en mensen doen het toch, dan is die mensen een rad voor hun ogen gedraaid en zijn ze dom om eraan mee te doen. Aldus, Ben Tiggelaar. Voor het gemak wordt er geen enkele serieuze wetenschapper bij naam genoemd en is de enige bron die Ben Tiggelaar noemt geen wetenschappelijke bron. De kwalificatie “serieuze wetenschapper” is een magische formule. Mocht je tegen een wetenschapper aanlopen die een persoonlijkheidtype wel waarschijnlijk acht dan zal hij per definitie niet als “serieus” worden bestempeld. Zo’n vooringenomenheid gaat tegen de kritische, maar open houding van wetenschappers in. Het is geen wetenschap terwijl Ben Tiggelaar wel steeds suggereert dat zijn mening wetenschappelijk onderbouwd is. Voor zo’n houding is maar één woord: pseudowetenschap. Als een organisatie zoals Shell sinds jaar en dag wereldwijd met MBTI werkt, dan doet ze dat geenszins omdat Shell een dom bedrijf is, maar omdat Shell concreet baat heeft bij het gebruik van MBTI. Ben Tiggelaar haalt een gebrek aan bewijs door elkaar met een bewijs van een gebrek.

Ben Tiggelaar: wetenschap is wat ik vind

Ben Tiggelaar heeft een slecht idee van wat wetenschap is. De wetenschappelijke methode is namelijk bij uitstek “peer review”. Een boek dat kritisch is over bepaalde zaken dat door een trainer is uitgegeven zonder “peer review” is geen wetenschap. Dat er in het desbetreffende boek verwezen wordt naar wetenschappelijk onderzoek en om die reden claimt dat het wetenschappelijk is, maakt het alleen maar tot pseudowetenschap. Alleen hetgeen daadwerkelijk gepubliceerd is in een wetenschappelijk tijdschrift nadat andere wetenschappers het hebben bekeken, valt onder de wetenschap. Uiteraard is het geen enkel probleem om populair wetenschappelijk over dit onderzoek te schrijven of te praten. Maar doen alsof dat wetenschappelijk is, is pure pseudowetenschap. De enige manier om aan pseudowetenschap te ontsnappen is om expliciet te vermelden dat jouw mening geen wetenschappelijke mening is, maar enkel een cultuurkritische mening. Met een cultuurkritische mening is niks mis. Maar het is valsspelen om zonder inhoudelijke argumenten te doen alsof jouw standpunt wetenschappelijk is en het standpunt van je tegenstanders onwetenschappelijk of bewezen waardeloos.

Ben Tiggelaar: iets is omdat ik het roep, nooit omdat ik argumenten heb

Stellingen poneren is altijd gemakkelijker dan argumenten geven. Ben Tiggelaar roept: persoonlijkheidstyperingen zijn onzin en dat vinden “serieuze” wetenschappers ook! Zo is er van alles mis met de meeste persoonlijkheidstyperingen, maar dat betekent geenszins dat persoonlijkheidstypering überhaupt fout zijn. Dat is een bekende redeneerfout. Je ziet dan een deel voor het geheel aan. Dit zie je terug in het enige argument dat Ben Tiggelaar wel geeft: bij astrologie uit de krant zie je dat iedereen zich daarin herkent dus zijn alle persoonlijkheidstyperingen fout. Ben Tiggelaar “vergeet” namelijk frauduleus genoeg om te vermelden dat het in het door hem aangehaald voorbeeld om astrologie ging in plaats de wel door hem genoemde persoonlijkheidstyperingen zoals MBTI, DISC of Management Drives.

Nu is er van alles en nog wat aan te merken op de specifiek door Ben Tiggelaar genoemde persoonlijkheidstyperingen. MBTI, DISC, HBDI, Enneagram, Management Drives en Spiral Dynamics. Er schort van alles en nog wat aan. Maar daar zijn inhoudelijke argumenten voor. In het algemeen kan je stellen dat er drie argumenten tegen deze vormen van persoonlijkheidstyperingen zijn:

  1. ze zijn te statisch, terwijl onze persoonlijkheid dynamisch is;

  2. ze zijn te logisch, terwijl de wereld vaak bijna logisch is, maar net niet helemaal;

  3. ze halen persoonlijkheidskenmerken door elkaar met informatie die door het brein wordt weggefilterd.

Stuk voor stuk zijn dat argumenten aan de hand waarvan je duidelijk kan maken dat het beter is om een andere manier te gebruiken voor het in kaart brengen van persoonlijkheid dan deze specifieke manieren. Maar dat is totaal iets anders dan menen dat omdat X, Y en Z allerminst perfect zijn, dan maar het hele veld nonsense is. Bedrijven en mensen zijn slim en werken met datgene waar zij baat mee hebben. Heeft het geen baat dan houden ze er weer mee op. Wat ze doen kan vaak beter, maar het slaat nergens om, zoals Ben Tiggelaar doet, te denken dat zo oliedom zijn.

Want het enige alternatief dat Ben Tiggelaar voorstelt is de Big Five, het idee dat alle persoonlijkheidskenmerken teruggebracht kunnen worden tot vijf begrippen. Claimen dat de Big Five geen persoonlijkheidstypering is, slaat nergens op. Nergens wordt bij de Big Five letterlijk gezegd dat het om een persoonlijkheidstypering gaat, maar in plaats van het woord “type’ gebruikt men het woord “score”. Maar verder gebruikt men bij de Big Five het woord “score” als een persoonlijkheidstype. Voor de Big Five geldt hetzelfde als wat Ben Tiggelaar zegt over MBTI, DISC, HBDI, Enneagram, Management Drives en Spiral Dynamics: “serieuze wetenschappers” staan er skeptisch tegenover of zelfs afwijzend.

Maar net zoals dat zo’n boodschap weinig zegt over MBTI, DISC, HBDI, Enneagram, Management Drives en Spiral Dynamics, zegt het ook weinig over de Big Five. Bij de wetenschappelijkheid van de Big Five kan je je vraagtekens zetten. Maar het is maar de vraag of de hele Sociale Wetenschap überhaupt tot de wetenschap kunnen worden gerekend. Nieuw statistisch onderzoek laat zien dat de 5% en 1% significantie-niveaus (die door sociale wetenschappers sowieso bijna nooit werden gehaald) feitelijk veel te hoog liggen en dat voor wetenschap deze significantie-niveaus naar 0.5% en 0.1% moeten gaan. Zulks maakt dat doen alsof wat je als econoom of psycholoog zegt wetenschappelijk is alleen maar tot pseudowetenschap leidt. Wat dat betreft is het hopen dat Ben Tiggelaar uit zijn eigen pseudowetenschappelijke nachtmerrie wakker wordt.

Praktisch gezien is de Big Five handig omdat er veel onderzoek naar wordt gedaan. En ongetwijfeld is de Big Five wetenschappelijk gezien beter onderbouwd dan MBTI, DISC, HBDI, Enneagram, Management Drives en Spiral Dynamics. Maar de keuze voor de Big Five of voor MBTI, DISC, HBDI, Enneagram, Management Drives en Spiral Dynamics wordt door slimme mensen en organisaties geheel op basis van praktische redenen gemaakt. Daarom is het goed te begrijpen dat bedrijven en mensen met MBTI, DISC, HBDI, Enneagram, Management Drives en Spiral Dynamics aan de slag gaan. Kan het beter? Ja het kan beter omdat daar goede inhoudelijke redenen voor zijn. De Big Five kan daarbij een goed hulpmiddel zijn, maar is ook niet zaligmakend. Maar doen alsof het een wetenschappelijk is en het ander niet, helpt niemand verder.